Je zou het soms bijna vergeten: één van onze weinige zekerheden is dat we doodgaan. Persoonlijk denk ik dat ik dan niet oplos in een groot zwart gat. Sterker: iets diep in mij gelooft dat ik God, de Heilige Liefde, zal ontmoeten. Maar dat ik er nu naar uitzie om te sterven? Zo'n sterk geloof heb ik niet.
'Everybody wants to go to heaven, but nobody wants to die', hoorde ik ooit iemand zingen. Ik zong uit volle borst mee. Hoop op de hemel, maakt angst voor de dood niet ineens minder. Daarvoor is er kennelijk meer nodig.
Je kunt er voor oefenen. Oefenen in sterven. Dat helpt om minder bang te worden voor de dood.
Met sterven hoef je niet te wachten tot je doodgaat. Sterven kun je iedere dag. Sterker: het behoort tot de kern van het christelijk geloof om iedere dag te sterven. Niet lichamelijk, maar geestelijk.
De Bijbel nodigt ons in beeldende taal uit te sterven aan onszelf. Daarmee wordt bedoeld dat ons ego verdwijnt uit het middelpunt van het bestaan. Heftig! Mijn ego voelt zich het lekkerst bij het idee het centrum van het universum te zijn. Die plek te verlaten, voelt inderdaad als doodgaan. Met alle angst en verzet die daar bij hoort.
Je ego laten 'sterven' is de weg naar eeuwig leven. In de praktijk houdt dat in dat mijn eigen belang niet als hoogste belang geldt. Het betekent dat ik in al die tientallen kleine en grote keuzes die ik maak, Jezus' wil probeer te zoeken en niet mijn eigen voorkeur. Dat is afstand doen van mijzelf... sterven.
Voor mij is dit een dagelijkse oefening. Een lastige vaak. Maar ik doe goede ervaringen op. Het laat me ontdekken dat sterven de weg naar echt leven is. Het helpt me echt lief te hebben. Dat geeft een diepe innerlijke vrede, een ongeëvenaarde verbondenheid met de Eeuwig Goede.
Mijn doel is zo veel te oefenen dat als ik later als een oud rimpelig opaatje blij en vol verwachting m'n laatste adem weggeef. In de wetenschap dat ik er ander, beter leven voor terug krijg. Zoals ik al jaren gewend was.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten